HET HARDE RENNEN

Ik was overbelast en moest onmiddellijk stoppen. Het startpunt van een lange reis!

Eigenlijk overheerste maar één gevoel: dit wil ik niet!

Ik had geen zin en ook helemaal geen tijd voor een burn-out. Want ja, ik moest nog van alles doen. Lesgeven, drie kinderen opvoeden, een huis onderhouden, met vrienden afspreken, enzovoort, enzovoort.

Ook schaamde ik me een beetje. Een burn-out was toch meer iets voor mensen die snel moe waren of altijd iets hadden? In ieder geval niet voor een gezonde, fitte man in de bloei van zijn leven.

Tenminste, zo dacht ik er toen over.

Daarnaast kende ik collega’s die ook een burn-out hadden gehad. Sommigen waren wel een jaar uit de running geweest. Daar zat ik dus echt niet op te wachten.

De eerste weken van mijn burn-out vielen gelukkig samen met de kerstvakantie. Mooi, dacht ik. Even een paar weken aansterken en daarna gewoon weer aan het werk.

Dus gingen we thuis eigenlijk gewoon door met wat we altijd deden. Op kerstbezoek bij mijn ouders, hout halen voor de kachel, alles klaarmaken voor de feestdagen. Het ging allemaal best aardig.

En ik dacht: zie je wel, het komt goed!

Het gekke was dat ik eigenlijk helemaal niks voelde. Ik sliep prima, had nergens last van en voelde me eigenlijk best goed.

Dus ja… hoezo burn-out?

Zo hebben we als gezin de eerste tijd eigenlijk een beetje in ontkenning geleefd. Alsof er niet zoveel aan de hand was.

Ik was dan wel gestopt met werken, maar in mijn hoofd was ik nog lang niet tot stilstand gekomen.